Nelli Cooman mist hardlopen in geen duizend jaar

22 december 2009 | Categorie: Interviews

Nelli: ‘Ik was goed en die andere zijn minder’

Nelli Cooman oud-hardloopster
Als klein meisje deed Nelli Cooman al veel verschillende sporten, maar met voetballen was ze erg goed. Ze kreeg zelfs de bijnaam ‘Miss Pele’. ‘Ik denk wel dat ik professioneel voetbalster had kunnen worden, maar niet zoals met de atletiek, want vrouwenvoetbal was nog een taboe.’ Op haar zestiende werd tijdens een sportdag ontdekt dat ze goed kon sprinten. ‘Ik was er niet 100% mee bezig. Ik bedoel, ik deed er andere dingen tussendoor. Ik trainde bijvoorbeeld wanneer ik zin had en bovendien was het winter toen ik begon, dus het was goed met ze.’ Vertelt Cooman lachend.

In die tijd is haar atletiekcarrière begonnen. Tijdens die carrière is er veel gebeurd. Veel goede dingen, maar ook veel slechte dingen. Zo heeft ze veel prijzen in de wacht gesleept. In 1986, in Madrid, behaalde ze haar grootste succes, een wereldrecord op de 60 m indoor. ‘Het gevoel dat je er zo hard voor getraind hebt is geweldig.’ Op dit moment is dat record al lang verbroken, maar ze heeft nog wel twee Nederlandse records op haar naam. ‘Ik was goed en die andere zijn minder. Mijn records waren heel scherp. Als je ziet dat ik nog steeds bij de top 10 sta van de wereld.’ Toch was haar leven niet altijd positief. Zo overleed haar vader in 1990, waarna ze in een dip raakte. ‘Het is ook goed om in een dip te zitten, want je komt er alleen maar sterker uit. Bovendien kreeg ik veel steun van bovenaf.’

In het boek ‘Meer dan overwinnaars’ beschreef ze hoe belangrijk het geloof voor haar is. ‘Tijdens mijn loopcarrière had ik wel het geloof, maar het geloof moet je dan tussen aanhalingstekens zien. Het was een soort verliefdheid. Je bent zo heftig verliefd dat je van die gene houdt en je het op de automatische piloot zet. Dat was het geloof voor mij geworden. Nu niet meer hoor met mijn huwelijk!’ grapt Cooman. ‘God staat voor mij nog steeds op de eerste plaats. Alleen zeg ik geen God, maar ik zeg Christus, want God kan alles zijn. Toen ik nog liep was mijn carrière God in de zin van het lopen. Na mijn carrière werd Christus, die voor mij aan het kruis gestorven is, nummer 1.’

In 1995 stopte ze met haar carrière als hardloopster. Over de carrière van Cooman is ook een nummer geschreven door Gerard Cox. ‘Dat heeft hij in 1988 geschreven en Joke Bruis heeft het gezongen. Daar ben je toch trots op als zo iemand een liedje over je schrijft. Soms haal ik het nog wel eens uit de kast en dan hoor je weer: ‘Nelli Cooman de snelste vrouw van Holland’. Dat vind ik heel leuk.’ Toch mist ze die tijd totaal niet. ‘Ik mis het in geen duizend jaar. Stel je voor min drie graden, sneeuw, ijs en moeten trainen. No way. Ik heb er geen spijt van gehad, maar ik zou het voor geen miljoen over willen doen.’ Aldus Cooman.

Na al die jaren in de spotlights te hebben gestaan als hardloopster is ze nu ambassadrice van de Nelli Cooman Games. ‘De Nelli Cooman Games zijn niet zomaar atletiekwedstrijden. Het zijn wedstrijden met de integratie voor topsporters, jeugd en gehandicapten en dat maakt de Nelli Cooman Games zo uniek. Het is een soort verbroedering. Laten zien dat in de atletiek alles kan. We houden ons wel aan de regels, maar passen er altijd een mouw aan vast.’ Op dit moment doet ze behalve de Nelli Cooman Games bijna niets meer met sport. ‘Ik sport helemaal niet meer, goed hè,’ lacht Cooman. Ook volgt ze de atletiek niet meer op de voet. Ze kijkt alleen tijdens grote evenementen zoals de Olympische Spelen.

Toch ligt Cooman niet languit op de bank niets te doen. ‘Ik ben schoolsportconsulent, ambassadrice voor heel veel goede doelen, schoonheidsspecialiste, moeder niet te vergeten en ik speel in de voorstelling de ‘afscheidsmonologen’. In die voorstelling speelt ze een aantal zware rollen die over de dood gaan. ‘Eerst heb ik in de ‘Vagina Monologen’ gespeeld. Ik werd gevraagd via mijn management en ik heb ja gezegd. Als je eenmaal in het circuit zit blijven ze je vragen en ook bij de ‘Afscheidsmonologen’ heb ik ja gezegd. Ik hoef niet alles uit mijn hoofd te doen. We lezen het keurig van het blaadje af en hoeven maar een klein beetje te acteren. Ik speel 4 rollen. Een rol van een meisje die van der oma te horen krijgt hoe het is om 40 dagen te rouwen, een vrouw die te horen krijgt dat ze kanker heeft, Lisa die terminaal is en een vrouw die haar man is kwijt geraakt.’ Cooman had het erg moeilijk in de beginfase. ‘Bij het stuk over Lisa moest ik gelijk aan mijn moeder denken die 2 jaar geleden is overleden. De eerste keer toen ik het las ben ik weg gelopen en heb ik staan huilen. Het is heel emotioneel als je kijkt naar de manier hoe die vrouw heeft geleefd. Zo is het ook bij mijn moeder gegaan. Het weerhoudt mij er niet van om het te spelen. Het is een toneelstuk, maar het is ook de realiteit. Iedereen gaat natuurlijk een keer dood, maar dit is best heftig. Terminaal zijn, iemand die te horen krijgt dat zij niet meer geholpen kan worden. Dat heb ik ook in mijn kennissenkring meegemaakt, maar het hoort er helaas bij.’

Kevin Spanjersberg

Foto: Remi Hammerstein

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*


*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>